Deze Mariakapel werd gebouwd naar de plannen van architect Michel Claes.
Deze kapel bevindt zich vlak voor de Kerk van het Heilig Hart.
Deze kapel werd in 1947 gebouwd ter nagedachtenis aan de gevechten die plaatsvonden tussen de guerrilla’s en de Duitse soldaten. De Duitsers werden zwaar getroffen en sloegen terug in Hérock, waar het dorp in brand werd gestoken.
Deze kapel, bedekt met een zadeldak in leisteen, is omgeven door een haag.
Aan de bovendorpel van de voordeur draagt een vierkante rode marmeren steen het opschrift CAUCIN FRANCOIT DE GOCHENEE 1832.
Deze neoklassiek geïnspireerde kapel in kalksteenpuin en roze marmer dateert uit 1856. Het bestaat uit een enkele baai die eindigt in een halfronde apsis.
Deze kapel van kalksteenpuin met een leien dak staat in de schaduw van een eeuwenoude boom. Het wordt ook wel Notre-Dame de Foy genoemd.
Een kleine kapel in sterk bewerkte kalksteen met een ingangsboog met twee zuilen.
Een kleine kapel in kalksteenpuin, die achter een poort een standbeeld van Saint-Gérard de Brogne herbergt. Geboren in Stave in België, stichtte hij in 919 een benedictijnenabdij in Brogne, in de stad Mettet.
Een kalkstenen puinkapel met daarboven een toren met een zeer puntig leien zadel.
Deze kapel, gebouwd in 1866, werd gebouwd door de inwoners van het dorp om tegen cholera te worden beschermd.
Deze hermitage dateert uit de 14de eeuw. De kapel is gebouwd op de plaats van de begrafenis van Saint-Hadelin en in de buurt van de grot waar hij zich terugtrok. In dienst van de kerk van Celles gingen de kluizenaars in 1789 met pensioen.
Een kleine pot op een hardstenen paal, met een groene rasternis met daarin een beeld van de Maagd.